| MD 09.01 | De leerlingen lichten het ontstaan en de evolutie van het heelal, het zonnestelsel en van de aarde in een tijd-ruimtekader toe. (LPD 2, 5, 11) |
|---|---|
| MD 09.02 | De leerlingen lichten de gelaagde opbouw en samenstelling van de aarde en de atmosfeer toe. (LPD 1) |
| MD 09.03 | De leerlingen beschrijven kenmerken en verklaren gevolgen van rotatie en revolutie van aarde en maan. (LPD 3, 4) |
Denkbeeldige bol met de aarde als middelpunt en op de achtergrond de sterren. Ook de draaibeweging die deze bol maakt is denkbeeldig: het is niet de hemelbol maar de aarde die om haar as draait.
Een door de mens gegroepeerd aantal sterren die met lijnen verbonden worden tot een figuur. De sterren van een sterrenbeeld lijken dicht bij elkaar te staan maar dat is niet zo.
Open de app SkyView en los daarmee de onderstaande vragen op. Stel datum en tijd in op 20 september 2023 om 23:00.
Gebruik ook de aanwijssterren uit de Grote Beer ('Ursa maior') op de poolster ('Polaris') te vinden. De aanwijssterren zijn Merak en Dubhe.
Eén lichtjaar is de afstand die het licht aflegt op één jaar tijd. Licht reist met een snelheid van 300 000 km/s, daarom is één lichtjaar gelijk aan 300 000 km x 60 x 60 x 24 x 365 = 9,46 x 1012 kilometer want er zijn 60 seconden in een minuut, 60 minuten in een uur, 24 uren in een dag en 365 dagen in een jaar. Let op: een lichtjaar is dus een afstand en géén tijdseenheid.
Los de vragen op. Gebruik de bronnen net onder opdracht 3.
Gebruik de gegevens uit de onderstaande tabel om deze afstanden uit te rekenen. Niet lui zijn en alles proberen te googelen, echt ouderwets rekenmachinewerk graag.
| naam | sterrenbeeld | afstand tot de zon (lichtjaar) | straal (x de zon) | massa (x de zon) |
|---|---|---|---|---|
| naam | sterrenbeeld | afstand tot de zon (lichtjaar) | straal (x de zon) | massa (x de zon) |
| Achernar | Eridanus | 139 | 6.78 | 6.0 |
| Acrux | Crux | 320 | 5.4 | 17.8 |
| Adhara | Canis major | 430 | 13.9 | 12.6 |
| Aldebaran | Taurus | 65.3 | 45.1 | 1.16 |
| Alioth | Ursa major | 82.6 | 4.14 | 2.91 |
| Alnilam | Orion | 1976 | 42 | 64.5 |
| Alnitak | Orion | 1260 | 20 | 33 |
| Antares | Scorpio | 550 | 680 | 11 |
| Altair | Aquila | 16.73 | 1.57 | 1.86 |
| Arcturus | Boötes | 36.7 | 25.4 | 1.08 |
| Barnard's star | Ophiuchus | 5.96 | 0.187 | 0.161 |
| BC Cygni | Cygnus | 1710 | 1031 | 19 |
| Bellatrix | Orion | 250 | 764 | 16.5 |
| Betelgeuse | Orion | 548 | 5.75 | 7.7 |
| Canopus | Carina | 310 | 71 | 8.0 |
| Castor | Gemini | 51 | 2.09 | 2.37 |
| Denebola | Leo | 35.9 | 1.73 | 1.7 |
| Deneb | Cygnus | 35.9 | 203 | 19 |
| Dubhe | Ursa major | 123 | 17.03 | 3.44 |
| Formalhaut | Piscus austrinus | 25.13 | 1.842 | 1.92 |
| Gliese 667 | Scorpio | 23.623 | 0.76 | 0.73 |
| Groombridge 1618 | Ursa major | 15.9 | 0.605 | 0.67 |
| Hadar | Centaur | 390 | 9 | 12 |
| Hamal | Aries | 66 | 14.9 | 1.5 |
| Izar | Boötes | 236 | 33 | 4.6 |
| Luhman 16 | Vela | 6.5 | 0.85 | 0.032 |
| Meissa | Orion | 1300 | 13.4 | 27.9 |
| Merak | Ursa major | 79.7 | 3.021 | 2.7 |
| Mimosa | Crux | 280 | 8.4 | 16 |
| Mintaka | Orion | 1200 | 16.5 | 24 |
| Mizar | Ursa major | 82.9 | 2.4 | 1.71 |
| Mufrid | Boötes | 37.2 | 2.672 | 2.22 |
| Polaris (= poolster) | Ursa minor | 447 | 37.5 | 5.4 |
| Procyon | Canis minor | 11.46 | 2.048 | 1.499 |
| Proxima Centauri | Centaur | 4.27 | 1.542 | 0.122 |
| Rigel | Orion | 863 | 78.9 | 21 |
| Saiph | Orion | 650 | 22.2 | 15.503 |
| Sirius A | Canis major | 8.6 | 1.711 | 2.063 |
| Spica | Virgo | 250 | 7.47 | 11.43 |
| Teegarden's star | Canis major | 12.5 | 0.107 | 0.093 |
| Vega | Lyra | 25 | 2.362 | 2.135 |
In dit deel van de les zoomen we uit van de zon, een kleine ster tot de grootste structuren in het heelal.
Een aantal niet-stellaire hemellichamen die een baan beschrijven rond een ster. Ons planetenstelsel is het zonnestelsel.
Een planeet die in een baan om een andere ster dan de zon. Anders gezegd: een planeet buiten het zonnestelsel.
Een exoplaneet ligt in de leefbare zone om een ster als er vloeibaar water op het oppervlak kan voorkomen.
Een exoplaneet reflecteert veel minder licht dan de ster waar ze een baan om beschrijft. Toch zijn er methodes om exoplaneten op te sporen. Gebruik de animatie om te verklaren hoe de massa en de afstand tot de ster bepaald worden.
Een doorgaans afgeplatte verzameling van miljoenen tot miljarden sterren, stof en gas die door onderlinge zwaartekracht samengehouden worden.
Het sterrenstelsel waar het zonnestelsel deel van uitmaakt. Het is een balkspiraalstelsel met naar schatting 250 miljard sterren.
bron animatie: ESA (spacetelescope.org)
Zowel de Melkweg als het Andromedastelsel horen tot het type balkspiraalstelsel. Dit type omvat ongeveer twee derde van alle sterrenstelsels.
De diameter van de kern bedraagt zo'n 10 000 lichtjaar, elders is de schijf tussen 500 en 10 000 lichtjaar dik. De zon ligt op zo'n 26 000 lichtjaar van het centrum van de Melkweg.
| deel | kenmerken |
|---|---|
| kern of centrale verdikking en balk |
|
| spiraalarmen of schijf |
|
| halo |
|
Maak een doorsnede van de Melkweg en duid daarop aan: de halo, de Orionarm, de kern en een sterrenhoop in de halo en de ligging van de het zonnestelsel. Los daarna de vragen op.
De sleepoefening is vrijblijvend.
sleep de balkspiraalstelsels hier naartoe
Groep van 50 tot 1000 sterrenstelsel die door zwaartekracht samengehouden worden.
De cluster waar de Melkweg deel van uitmaakt.
Los de vragen op.
Verzameling van clusters met daartussen lege gebieden zonder melkwegstelsels: de superholtes. Door kleine verschillen in zwaartekracht wordt materie aangetrokken naar gebieden met iets meer materie waardoor deze leegtes ontstaan (zie video hieronder).
De supercluster waar de Lokale Groep deel van uitmaakt.
Bruggen van donkere materie en sterrenstelsels die clusters met elkaar verbinden.
bron animatie: NASA’s Goddard Space Flight Center/F. Reddy and Z. Zhai, Y. Wang (IPAC) and A. Benson (Carnegie Observatories)
Noteer ons komisch adres in de tabel, van klein (bovenaan) naar groot (onderaan).
| structuur | naam |
|---|---|
| zonnestelsel | |