1. De kust: strand en duinen

Niet-geplooide geografische streek

Aanmelden voor oefeningen »

1.1 Situering

De kust



Opdracht 1

Situeer strand, polders en zandstreek met behulp van de onderstaande doorsnede. Doe dat bij voorkeur met de begrippen ‘zeewaarts’, ‘landwaarts’, ‘hoger dan’ of ‘lager dan’.

Opdracht 2

Noteer de drie types landschappelijke eenheden (zie atlas) die aan de kustlijn te vinden zijn.

De kustvlakte


Opdracht 3 Bookwidget

Meet de lengte van de Belgische kustvlakte en maak hiervan een screenshot (*). Plak dit screenshot (zie volgende bladzijde) in de Bookwidget van deze les. (/1)

Noteer het aantal kustgemeenten, de naam van de meest westelijke en de naam van de meest oostelijke.

Topomapviewer


De Belgische territoriale wateren

afbeelding © Van Lancker et al. 2007 (gevonden op deze pagina)

Het reliëf van de Noordzee

Opdracht 4 Bookwidget

Maak een bathymetrisch reliëfprofiel vanuit Oostende.

Zet één punaise op Oostende en de andere in de Noordzee, ongeveer halverwege Oostende en Ramsgate (/1).

Maak een screenshot. Duid de toppen van twee zandbanken aan met de diepte in m (/2). Doe hetzelfde voor de geul tussen beide zandbanken (/1).

Bereken hoe hoog de zandbanken ten opzichte van de geul ertussen ongeveer zijn (/1).

Sla het screenshot mét de aangeduide dieptes en berekening op in de Bookwidget.

Reliëfprofiel maken

Opdracht 5

Zoek de hoogste en de laagste waterstand in Oostende in de afgelopen periode. Bereken op de volle meter het verschil tussen hoog- en laagwater.

Getij en variatie van de waterstand Animatie: getijden

1.2 Strandmorfologie

De duinen vormen de landwaartse begrenzing van het strand. De duinengordel is echter grotendeels verstoord door afgraving en bebouwing, ook zijn de duinen dikwijls afgescheiden van het strand door een zeedijk. De grootste duingebieden zijn nog terug te vinden aan de westkust (De Panne - Nieuwpoort – Koksijde met de Hoge Blekker (ca 33 m, zie kaart hieronder) als hoogste duin). Andere duinen bevinden zich aan de oostkust (Knokke) en middenkust (Bredene – De Haan). Onze zandstranden zijn opgebouwd uit een verzameling van reliëfelementen met eigen kenmerken en dynamiek. Deze reliëfvormen ontstaan door complexe processen van erosie, transport en sedimentatie (afzetting van zand en slib). Het deel van het strand boven de hoogwaterlijn noemen we het droog strand en het deel eronder het nat strand.

Project Zee Muien zijn gevaarlijk


afbeelding © Van Outryve R. 2011 (gevonden op deze pagina)


afbeelding © Van Bossuyt B.

Opdracht 6 Bookwidget

Duid op de foto aan en benoem deze structuren: zwin, strandrug, mui, kustlijn of oeverlijn. Maak een screenshot en sla het op in de Bookwidget.

afbeelding © Van Bossuyt B.

1.3 Gesteenten van de ondergrond (lithologie)

Opdracht 7

Zoek in de atlas de ouderdom (kaart stratigrafie) op. Situeer dit tijdvak in de tijd (van … tot …). Zoek voor Oostende (kaart lithologie) de gesteenten van de ondergrond op.

Oostende

Zand heeft korrelgroottes tussen 62,5 µm en 2 mm. Het is ook een grondstof die in sommige delen van de Noordzee gewonnen wordt. Het wordt in de bouw gebruikt maar ook in kustbescherming (ophoging van stranden). Zand dat opgespoten wordt vanuit zee bevat doorgaans meer schelpfragmenten, daarom heeft een andere kleur dan natuurlijk zand

Opdracht 8

Gebruik de kaart met korrelgroottes hieronder om na te gaan waar welke grondstof ontgonnen wordt. Eén kruisje per rij.

Reliëf van de Noordzee


afbeelding © uit Verfaille naar Le Bot et al. 2003 (gevonden op deze pagina)
  dichtst bij de oostkust iets verder van de kust in de geulen, bijvoorbeeld aan de Noordhinderbank
fijnste sediment (klei en silt < 63 micrometer)      
zand      
grind (> 2 mm)      

1.4 Bodem

Opdracht 9 Bookwidget

Open de bodemassociatiekaart. Let op dat je niet de gewone ‘bodemkaart’ kiest. Gebruik de figuur hieronder om te navigeren in de bodemassociatiekaart. Stel als adres in ‘Hasseltstraat 29, Bredene’. Zorg dat de zee en het gevraagde adres te zien zijn maar zoom ook niet té veel uit.

Bij het vakje ‘Bodemassociatiekaart’ zie je een tandwielsymbool voor instellingen. Halveer de transparantie (tikken op een iPad) en zet de labels aan.

Druk nu in hetzelfde vakje ‘Bodemassociatiekaart’ op “Legende’.

Maak een screenshot. Benoem in woorden verschillende bodemassociaties van Hasselstraat 29 tot aan de kust. Steek ook dit screenshot in de Bookwidget. (/3)

Vlaamse bodemkaarten


1.5 Zeespiegel

Wereldwijde zeespiegelstijging

thermal expansion: volumetoename van een watermassa bij stijgende temperatuur

Grafiek van de zeespiegelstijging


Opdracht 10

Bereken de gemiddelde wereldwijde zeespiegelstijging tussen 1994 en 2022 (of een meer recent jaar) .

Zeespiegelstijging in Oostende

Opdracht 11

Bereken de gemiddelde zeespiegelstijging in Oostende tussen 1994 en 2021 (of 2022).

Ga na hoeveel de zeespiegel gestegen is sinds de invoering van TAW (gebruik de gegevens van 1951).

Zeespiegel in Oostende (mTAW)

gemiddelde zeespiegelstijging (mm/jaar) in Oostende:

zeespiegelstijging sinds invoering TAW (in m):

Afvoer van water naar zee

Opdracht 12

Vul tijdstip en waterpeil in. Formuleer wanneer water uit de Polders kan afgevoerd worden naar zee. Om het peil in Oudenburg te zoeken heb je misschien onderstaande figuur nodig.

Waterinfo (kies 'kaartencatalogus')

  Oostende: peil (mTAW) Oostende: tijdstip Oudenburg, Magdalenakreek: peil (mTAW)
laagtij      
     
hoogtij      
     

Klimaatadaptatie: kustbescherming


vakgroep aardrijkskunde Don Boscocollege Zwijnaarde